Winterhike Zwarte Woud

Inhoudsopgave

Dag 1 : Heenreis met de Trein
Dag 2 : Schauinsland
Dag 3 : Feldberg
Dag 4 : Hinterzarten
Dag 5 : Roskopf
Dag 6 : Terugreis


Dag 1 : Heenreis met de Trein


In de weken voor de hike had ik via internet nog allerlei spullen gekocht. Een muts, handschoenen, een gore-tex broek, en een compressiezak voor mijn legerslaapzak. Alles was binnengekomen, behalve die compressiezak. Op zondagmiddag moest ik nog alle oudoor-winkels af om een compressiezak te kopen. Het was koopzondag. Alle winkels waren open behalve die winkels waar ik moest zijn. Alleen de Perry Sport was nog open. Daar heb ik een slaapzak gekocht die tot -5 zou moeten kunnen. Volgens de weersverwachtingen zou het -7 worden 's nachts.

Op maandagochtend pakten we de eerste bus richting station Eindhoven. Ik kwam tegelijk aan met de bus bij de bushalte. Bram zat al vanaf Westerhoven in de bus. In Eindhoven op het station kochten we kaartjes tot Arnhem. Alles ging nog steeds goed. Dat waren we niet gewend van de andere vakanties waarbij we de bus of de trein moesten pakken.

De sneltrein van Arnhem naar Freiburg vertrok om 9 uur. Op de kaartjes stonden de nummers van de plaatsen die voor ons gereserveerd waren. We hadden het verkeerd gelezen. Plaats 1-raam en 1-middenpad konden we niet vinden. Na een paar keer door de wagon te zijn gelopen zijn we zomaar ergens gaan zitten. Bram zei dat hij eigenlijk nog z'n wiskundehuiswerk mee had willen nemen om dat in de trein te maken. Maar dat had hij toch niet meer gedaan. Onze tassen stonden een heel eind verderop in een andere wagon. Daar konden we geen eten uithalen, dus moesten we al een deel van het eten dat eigenlijk bedoeld was voor tijdens de hike opeten. Tegenover ons kwamen na een paar uur twee Turkse Duitsers zitten. Ze hadden allebei een net pak aan en waren best dik. Ze leken rechtstreeks uit 'The Godfather' te komen. De ene pakte een zakdoekje en begon letterlijk in z'n neus te boren. Toen hij daarmee klaar was ging hij uitgebreid bekijken of er wat aan zat. Het zakdoekje legde hij op tafel. Toen ze weggingen zeiden ze (beveelden ze ons) dat we hun plaats vrij moesten houden. Het zakdoekje lieten ze liggen.

Langs ons zaten Nederlandse oudjes al drie uur lang te zeuren over dat alles zo duur was, de jeugd van tegenwoordig, dat niemand meer respect had voor ouderen en dat iedereen dezelfde kleren aanhad. Het was alleen maar zwart en een beetje paars, volgens de oude modekenners. Eén van hen zat een boek te lezen. De titel was "12 boeken die de wereld hebben veranderd". Later kwamen er nog drie meisjes binnen. Ze zaten te lezen. De ene had een kookboek en de andere een Frans boekje. Nadat ze weg waren zei een van de oudjes dat ze het maar rare figuren vond, en dat ze rare kleren aanhadden, met zoveel kleuren.

In Freiburg lukte het al snel om de hikeroute te vinden. Na een uurtje lopen zaten we al midden in de bossen. Er lag nog geen sneeuw daar. De route was toch al zwaar omdat we de bergen bijna recht omhoog liepen. De eerste hardkecks werden opgegeten, aangevuld met één tamme kastanje.

Tegen de tijd dat het begon te schemeren waren we weer uit de bossen. De wandelroute ging over een gewoon weggetje. Om ongeveer half 6 werd het al tijd om een plaats te zoeken om te gaan slapen. De weg liep langs een heuvel waar alleen gras op groeide. Het enige vlakke stukje daarvan kon makkelijk gezien worden vanuit een huis een stukje verderop dus daar gingen we maar niet op liggen. Nadat we een heel stuk om de heuvel heen waren gelopen en nog geen goede plek hadden gevonden om te slapen besloten we maar om bovenop de heuvel te gaan liggen. Daar moest het wel vlak zijn, want volgens de wiskunde die Bram had gehad had je bij een bergparabool op de top altijd een afgeleide die 0 was. Ik ging er niet van uit dat er discontinuïteiten zouden bestaan op die berg, dus het zou dan wel vlak zijn bovenop.

We rolden onze bivakzak uit en zagen dat het huisje wat uitkeek op de eerdere vlakke plek ook uitkeek op de top van de heuvel. Maar we hadden geen zin meer om nog verder te zoeken en bovendien werd het al donker. Vanaf de heuvel hadden we een goed uizicht op Freiburg. Het lukte alleen niet om een perfecte foto te maken. Van de 20 foto's waren deze de beste:


Freiburg 1


Freiburg 2


Freiburg 3

We lagen om half 7 al in onze tent. Zodra de zon onderging kon je niet verder lopen en werd het een stuk kouder. Het was die nacht nog niet zo koud. Het had amper gevroren.


Route dag 1

Dag 2 : Schauinsland


We werden wakker bovenop de berg. Nadat we een beetje warm aangekleed waren en ons ontbijt van 10 koekjes ophadden gingen we de route weer opzoeken. Deze keer waren we alweer niet ontdekt tijdens het wildkamperen. De route ging een stukje door de bossen. Daar kwamen we de eerste echte sneeuw tegen waar we doorheen moesten lopen. Bram kreeg al meteen weer de beelden van de vorige hike van hem voor zich en daar was hij niet blij mee.

Bij een stroompje wilden we wat warme soep maken. Het water uit het stroompje was koud en helder. Bram had Esbit blokjes meegenomen. Dat zijn een soort aanmaakblokjes die een paar minuten branden. Het eerste blokje wat we probeerden aan te steken kwam van Stefan af. Die had de blokjes 25 jaar geleden voor het leger gebruikt. De eerste lucifer die we aan probeerden te steken ging uit. De tweede ook. De derde lucifer ging wel aan. Bram hield hem langs heb blokje, maar dat begon niet te branden. Nadat we nog een lucifer er langs hadden gehouden en het nog steeds niet brandde kwam ik op het idee om er benzine uit het brandertje overheen te gieten. Zelfs nadat we dat gedaan hadden wilde het blokje niet branden. Van het papier van de hardkecks maakten we een hoopje en staken dat aan. Het blokje lag er middenin, toch wilde het niet branden. Uiteindelijk kwamen we er wel achter waar het aan zou kunnen liggen. De blokjes waren al 25 jaar oud en op het pakje stond dat ze een jaar houdbaar waren.

Gelukkig waren dat niet de enige Esbitblokjes die we bij ons hadden. Anders hadden we nog met het brandertje de Esbitblokjes aan moeten steken. De nieuwe Esbitblokjes die Bram dit jaar had gekocht gingen wel meteen aan. Na een paar minuten hadden we dan eindelijk warme soep.


Bram bij het Esbit-brandertje


Bart bij het Esbit-brandertje

Een half uur hadden we er over gedaan om een kopje soep te maken. We hadden tijd genoeg, dus dat was niet zo erg. Net buiten de bossen maakten we deze foto's:


Vlakbij Eckhof


Even op de kaart kijken welke route we moeten volgen





Als de zon scheen en je moest bergop lopen had je het niet koud.

De route ging nog een stukje over gewone weggetjes. De 'Schauinsland' berg kregen we al snel in zicht. Daar lag een dikke laag sneeuw op. Het werd tijd om de gore-tex broek aan te trekken. Daar hebben we wel veel aan gehad. Zonder een waterdichte broek kun je niet door de sneeuw lopen want een spijkerbroek wordt nat en bevriest en dan ben je binnen een uur bevroren. De meeste mensen keken alleen wel raar naar ons of liepen met een boog om ons heen omdat we allebei een camouflagebroek aan hadden. Bram had ook nog een groene jas en een groene zak om zijn rugzak. Ik had een groene pet en handschoenen in camouflagekleuren. Het leek ons maar beter om niet ineens heel hard iets te gaan roepen zoals "twee bier" of "gelukkig kerstfeest" want dan had je wel kans dat die mensen naar de grond zouden duiken.

Deze foto's zijn allemaal gemaakt van een uitkijktoren bovenop de Schauinsland:


De Grand Ballon, waar we in de meivakantie over waren gefietst voor de 100 cols tocht. Vorig jaar was Bram daar ook overheen gelopen met zijn hike. Hij lag op een afstand van ongeveer 60 kilometer.


Dorpje bij de Schauinsland


De Feldberg, de volgende dag liepen we via de linkerkant van het dal tot de top.


Foto van de uitkijktoren recht naar beneden naar onze bepakking


Het zonne-observatorium op de Schauinsland







Vanaf de Schauinsland liep er geen wandelroute rechtstreeks naar de Feldberg. We moesten zelf via andere routes proberen om op de route naar de top van de Feldberg te komen. Toen we vanaf een paadje naar de grote weg wilden lopen via de sneeuw zakten we tot boven onze knieën weg. Ik kreeg ook een beetje sneeuw in mijn schoenen. Gelukkig had ik er geen blaren van gekregen. Bram had al na de eerste dag blaren door de nieuwe inlegzooltjes is zijn schoenen.

We liepen langs het zonneobservatoirum af en moesten daarna een sneeuwveld oversteken. Het was zwaar lopen daar, met een rugzak van 15 kg. Het zwaarste was dat de bovenste laag van de sneeuw bevroren was en het onderste deel niet. Elke keer als je heel je gewicht op een voet had gezet dan zakte je nog een keer helemaal in de sneeuw. Aan het andere kant van het sneeuwveldje konden we de route niet meer vinden. We gingen het bos in, in de richting van de Feldberg.

Overal in het bos lag een laag sneeuw die tot je knieën kwam. Het was ook zachte sneeuw, zodat je er bij elke stap helemaal inzakte. We liepen maar een beetje over het pad zonder dat we wisten waar we precies waren op de kaart en waar het pad heenging. Bij een stroompje dronken we nog wat water en rustten we uit. Onze gaiters hadden we ook aangetrokken. Dat zijn een soort overschoenen om de sneeuw buiten te houden. Toen we weer bij een kruising kwamen met borden wisten we echt niet meer waar we zaten en welke kant we op moesten. We konden daar drie kanten op: de ene was terug richting de Schauinsland, de andere was bergop naar het noorden van de Feldberg af, de derde was ook naar het noorden maar die ging bergaf. De Feldberg konden we wel zien liggen vanaf de kruising. Als we daar recht op af wilden lopen moesten we gewoon recht naar beneden lopen van de berg af. Omdat dat het kortste was, en de enige manier dat je zeker wisten dat we ooit nog aan de beklimming van de Feldberg zouden kunnen beginnen, deden we dat maar.

Het afdalen ging best goed. Het was wel glad met een dikke laag bladeren met daarop nog sneeuw. Bram kwam op het idee om gewoon te gaan zitten en naar beneden te glijden. Dat was wel een goed idee. Het was zo glad daar dat we met 20 km/u naar beneden gleden. Er lag alleen wel een grote steen in de weg waar ik overheen ging glijden, en omdat me dat wel pijnlijk leek ging ik staan. Dat was ook geen goed idee want ik ging nog steeds 20 en nou was ik van de berg af aan het rennen zonder dat ik kon stoppen. Na een stukje rennen waarbij ik nog net kon blijven staan kon ik weer gaan zitten en afremmen.

In het dal waar we naar af aan het dalen waren zou een weg liggen. We hoorden of zagen er de hele tijd niks van. Als die weg er niet was zouden we helemaal niet meer weten waar we waren. Toen we helemaal beneden waren zagen we hem pas. We zaten nu wel op de route naar de top van de Feldberg. Over een smal paadje liepen we richting het dal van de Feldberg. Op het brandertje gingen we wat warme soep maken. We hadden allerlei zakjes bij ons om één kop soep mee te maken, maar niet veel dezelfde. We hadden wel een hele pan heet water. Het werd uiteindelijk tomaten-kippen-chocolade-soep. Die was best lekker, vooral omdat er niet te veel chocoladepoeder in zat en je de kip toch niet proefde.

's Avonds gingen we maar ergens in het bos langs het wandelpad liggen. Er kwam daar toch niemand. Zeker niet voordat we daar vertrokken waren. De warme soep smaakte nog goed.


Route dag 2

Dag 3 : Feldberg


's Ochtends was het weer koud. Elke dag leek het een beetje kouder te worden. Voordat we vertrokken maakten we eerst nog wat soep. Deze keer was het runder-kippen-chocolade-dennenaalden soep. Bram kreeg er nog last van zijn maag van. Toen hij heet was was het best te drinken omdat je het toch niet goed proefde. 's Avonds toen ik nog een keer ervan dronk en het lauw was was het echt smerig. Met een muts op en handschoenen aan liepen we weer verder over de route. Via een weg waar een laag ijs op lag kwamen we bij dit brugje aan:


Brugje op de Feldberg

Het pad waar we over omhoog moesten was niet gemakkelijk. Het was smal, en er waren stukken met sneeuw en stukken met ijs. Ik ben wel een paar keer weggegleden, maar niet van de berg afgevallen. Hoe hoger we kwamen hoe dieper de sneeuw werd. Gelukkig hadden er in de diepe sneeuw al een paar mensen gelopen voordat wij er door moesten. Daardoor was de sneeuw wat harder en zakte je er maar bij één op de drie stappen in. Buiten vroor het wel, maar door het klimmen was het zo heet dat ik toch maar m'n jas uit had gedaan en alleen een shirt aanhad. Als ik dan longontsteking zou krijgen had ik tenminste wat om over te praten.

We waren alweer de weg kwijt. Met een beetje gokken kwamen we uiteindelijk wel weer uit bij de route. Daar stond ook dit schuilhutje en het stroompje.


Een ijskoud bergbeekje


Het schuilhutje met een dikke laag sneeuw

Vanaf daar konden we de route weer volgen. We staken een veld over met sneeuw. Er waren sporen van allerlei dieren. De sneeuw was hier anders dan op de andere berg. Die op de Schauinsland bestond uit bolletjes van ijs. Die sneeuw smaakte ook vies. Deze sneeuw had een laagje ijskristallen er bovenop die je hoorde breken als je er over liep. Dat was al die zoveelste soort sneeuw die we tegengekomen waren. Als je de bovenste laag er afbrak kon je ook ziet dat het uit verschillende lagen bestond. Die waren dan weer half gesmolten en aangevroren. Ik vroeg me af of er ook iemand zou zien die sneeuwologie zou studeren.

Het was super stil op die vlakte. We stonden een paar minuten stil om te luisteren. Er was helemaal niks te horen, behalve de wind die in je oren blies. De hele ochtend waren we ook nog niemand tegengekomen. Bram pakte zijn camera om een foto te gaan maken. Precies op dat moment hoorden we "roetsssssssssssssjjjjjjjjjjjj" en kwam er een skiër midden in beeld staan. Die ging ook nog z'n ski's uitdoen en tien minuten niks staan te doen. Daarna ging hij eindelijk verder en konden we een foto maken.


Uitzicht naar de Schauinsland


De skiër op het anders verlaten veld


Bart


Het nu echt lege sneeuwveld

Het stuk wat hierna kwam was wel het zwaarste stuk wat we hebben moeten lopen. De top van de Feldberg lag nog een paar honderd meter hoger. Het paadje ging steil omhoog, door de sneeuw die wel 50 cm diep was. Na nog wel een uur lang omhoog klimmen en een stuk omhoop lopen over een steil stuk harde sneeuw kwamen we eindelijk boven aan.


Uitzicht vanaf de Feldberg


Uitzicht richting de Alpen








De sneeuw lag op de top meer dan een meter hoog


























Bart (uitzicht naar het noorden)








Bram


Bram


Bart





We liepen naar de torens op de achtergrond en vanaf daar daalden we weer af







Vanaf de top van de Feldberg liepen we naar de toren die op de foto's stond. Daar vlakbij was een skipiste. De route die we volgden liep via de skipiste naar beneden. Het lukte niet om te gaan zitten en dan naar beneden te glijden. Eén keer lukte mij dat wel, maar dat was niet helemaal vrijwillig. Onderaan de skipiste wilden we wat eten kopen. Als een soort oase kwam er een eettentje tevoorschijn uit de sneeuw. Bram had al de hele dag zin in sinaasappelsap. Dat hadden ze er ook nog. Nadat we voor het eerst in 3 dagen weer een keer warm hadden gegeten gingen we in het dorpje bij de skipiste kijken of er een winkeltje was. Er waren alleen maar hotels.

Het was al vrij laat. Een uur of half 5 was het, dus we konden nog een uurtje lopen voordat we weer moesten gaan slapen. We kozen een wandelpad wat langs de Feldsee liep. Dat was volgens de kaart een rond meertje. Om er te komen moesten we wel weer afdalen. Het pad was zo glad van het ijs dat je soms moest gaan zitten en een paar meter glijden omdat je anders toch zeker zou vallen. We sneden ook nog een keer een stuk af omdat het moeilijker was om over het pad te lopen dan om gewoon recht naar beneden van de berg af te glijden. De Feldsee was mooi, het was een rond meertje, wat nu helemaal bevroren was.


Feldsee 1


Feldsee 2

Na de Feldsee was het nog een half uur door de diepe sneeuw ploegen. Uiteindelijk kwamen we op een langlaufpad uit. Ik hoorde iets wat op een vogel leek, maar het bleken de stokken van twee langlaufers te zijn. Over een half uurtje zou het helemaal donker zijn. Ik weet niet of die mensen dat ook doorhadden.


Een dikke laag sneeuw langs het langlaufpad


Het langlaufpad


Het werd al schemerig

Er was nergens een stukje te vinden waar geen sneeuw lag. Het langlaufpad was ook nog lang, dus we moesten wel ergens er langs gaan slapen. We liepen een stukje de bossen in en trapten daar een stuk sneeuw plat om op te gaan slapen. Het was al vrij koud. Koud genoeg om de jaegermeister op een goede temperatuur te houden.


De sneeuw was nog warmer dan dat het buiten was


Bram z'n slaapzak en bivakzak


Snel warme kleren aantrekken




's Nachts was het niet warm, omdat je op de sneeuw ligt. Het sneeuwde ook nog een beetje. Bram had deze keer zijn schoenen in een zak in zijn slaapzak gedaan, zodat ze niet zouden bevriezen. Dat was de vorige keer dat hij was gaan hiken wel gebeurd. Elke nacht lagen we wel 14 uur in onze tent, maar daarvan sliep je er dan maximaal drie. De rest van de tijd was het een beetje wakker liggen en zorgen dat je het niet koud krijgt.


Route dag 3

Dag 4 : Hinterzarten


Op kerstochtend werden we wakker met twee centimeter sneeuw op onze tenten. Als ontbijt hadden we wat hardkecks en een stukje worst. We waren alweer niet ontdekt, maar dat was deze keer ook niet zo vreemd. Opstaan was deze keer een beetje moeilijker omdat je op je slaapzak moest blijven liggen omdat alles erbuiten sneeuw was.

De eerste kilometers lopen waren koud. Er waren toch al mensen aan het wandelen zo vroeg. Onderweg maakten we deze foto:


Huisje in de sneeuw op kerstochtend

We waren van de route afgeraakt want we liepen al een hele tijd over een gewone weg. Aan het einde was een houten huisje waarin we wat soep maakten om op te warmen. Dat was om een uur of 10, toen waren er al best veel mensen daar die gingen langlaufen. Deze keer maakten we geen mengsel maar gewoon heet water.

Omdat we verkeerd waren gelopen konden we nu makkelijk naar Hinterzarten lopen. Daar zouden we misschien nog wat eten kunnen kopen. Bram had al niet veel eten meer over. Ik had nog wel genoeg, maar dat was alleen maar twee kilo muesli en wat koeken. Het lekkere had ik al opgegeten. De weg naar Hinterzarten was niet moeilijk te lopen. Daar aangekomen bleek er geen winkel te zijn. Er was wel een restaurant/café. Daar hadden we Schwarzwalder-kirchetorte en bockworst met brood op. Ze draaiden er wel goede muziek. "All I want for Christmas" bijvoordeeld. Alleen het beste nummer wat ze zouden kunnen draaien kwam er niet op. Dat zou "Lonely this Christmas" zijn.

Vanaf Hinterzarten liep er een wandelroute die in één keer naar Freiburg zou gaan. Die route konden we alleen nergens vinden. Via een andere route die ook ongeveer de goede kant opging kwamen we uiteindelijk weer op de goede route. Bram ging z'n blaren verzorgen en pleisters op zijn voeten plakken. Ondertussen had ik niks te doen. Na een tijdje riep ik heel hard "YEEEEeeeeeeeeeeeeeeeess". Want ik had de derde manier gevonden om mijn pet op te doen.

Het paadje waar we over moesten lopen was wel smal. Hier is de foto ervan:


Langs het smalle paadje was een steile bergwand

Later gingen we nog over een breder pad, maar het was daar ook helemaal verlaten. In de stukken waar sneeuw lag zag je dat er de laatste paar dagen niemand meer had gelopen.


Uitzicht in de schemering


Een bergstroompje


4 manieren om je pet te dragen deel 1


4 manieren om je pet te dragen deel 2


4 manieren om je pet te dragen deel 3


4 manieren om je pet te dragen deel 4


Het pad waar we over liepen

Langs de weg waren helemaal geen stukken gras meer, en het zou binnen korte tijd donker worden. We gingen een paar keer een stukje van de berg naar beneden klimmen om een vlak stuk te zoeken om op te slapen. Er waren wel vlakke stukken, maar die zaten nog steeds vol met rotsen.


Uitzicht vanaf de berg waar we op zaten








Bram en z'n oranje muts







Uiteindelijk zijn we maar gewoon langs de weg gaan liggen op een vlak stuk wat iets breder was. Het begon al een beetje te waaien, dus het zou wel koud worden die nacht. Dat klopte ook. Het waaide heel de nacht hard. We zaten ook helemaal aan de rand van de berg, zonder veel bescherming van bomen. Toen ik net een beetje lekker lag hoorde ik opeens iets grommen. Ik dacht dat kan Bram niet zijn. Daarna hoorde ik ook nog dat er iets over het pad liep waar we langs lagen. Ik denk dat het een wild zwijn was. Hij gromde nog een paar keer en ging toen weer weg. In die tijd heb ik maar niet bewogen. Later in de nacht kwam er nog een keer een wild zwijn.


Route dag 4

Dag 5 : Roskopf


De nacht had weer een hele tijd geduurd tot dat die over was. Om een uur of 8 werd het eindelijk licht en tijd om op te staan. Buiten was het -3. Ik kleedde me zo snel mogelijk aan. Het onderste stuk van mijn spijkerbroek wat nat was was helemaal bevroren. Nadat ik dat in de goede vorm had gebogen kon ik ook mijn broek aantrekken. Bram wou zich ook gaan aankleden. Hij had alleen een klein probleempje. Zijn schoenen waren bevroren. Ze waren niet gewoon een beetje koud, maar zo hard als steen. Het waren ook hoge schoenen, en ze hadden platgelegen, dus die kon je niet toch gewoon aandoen. Bram begon met het uitdeuken van zijn schoenen terwijl ik heb brandertje aan wou maken om Bram z'n schoenen te kunnen ontdooien en om warm drinken te maken. Het brandertje ging niet aan omdat er waarschijnlijk water was gecondenseerd in de leidingen, of omdat het te koud was voor de benzine om te verdampen. Dus het brandertje heb ik maar opgegeven.

Bram was nog wel een uur bezig met het beeldhouwen van z'n schoenen, dus ging ik maar met Esbitblokjes dennennaaldenthee zetten. Het waaide zo hard dat ik pas na een half pakje lucifers het blokje aan kon steken. Omdat het zo koud was en omdat het water wat ik had gebruikt voor die thee bijna bevroren was had ik lauwe thee. Dat was nog altijd beter dan ijskoud water.

Na een uur had Bram z'n schoenen weer in de vorm van z'n voeten kunnen duwen en konden we aanlopen. Eigenlijk was dat wel goed. Volgens Bram's theorie had je alleen maar een keer echt geluk als je eerst veel pech hebt. Veel pech had hij al gehad, nu moest alleen nog het geluk komen. We liepen nog een keer verkeerd doordat we een route volgden die niet op de kaart stond. Uiteindelijk vonden we na tien kilometer niet de goede route te hebben gevolgd wel weer de route die we wilden hebben terug. Er waren op dit stuk wel veel mensen aan het wandelen. Het was er vlak en er lag geen sneeuw. Eén vrouwtje schrok toen ze achterom keek en wij daar liepen. Waar dat precies aan lag weet ik niet. Misschien omdat we op tweede kerstdag allebei met een camouflagebroek aan het rondlopen waren.


Hier is het weer vlak en ligt er geen sneeuw

Er was een speeltuintje met daarbij een houten blokhutje en een waterbak. Jammer genoeg stonden die niet midden in de bossen. Dit was ook wel goed. We konden dan nog een keer water bijvullen en iets warms klaarmaken. Ik had bedacht dat het misschien wel lekker was om van de cruesli een soort van warme pap te maken. Met muesli gaat dat ook, dus het zou best lekker kunnen zijn. Het aansteken van het brandertje ging niet helemaal vlekkeloos. Eerst wilde het niet aangaan omdat de benzine er niet goed uit kwam. Dat kwam omdat het nog te koud was. Toen het eindelijk aan bleef na een paar keer proberen liep de druk zo snel op dat het benzine begon te lekken. Heel het ding stond in de fik, midden in dat speeltuintje. We moesten er water overheen gooien het uit te krijgen.

Daarna brandde het brandertje gelukkig wel goed. De cuesli pap was zo klaar. Hij rook best lekker voordat hij aangebrand was. Omdat het iets te heet werd was het toch nog een beetje aangebrand. Bram vond het best lekker. Die had ook al twee dagen bijna niks gegeten. Ik had een hap genomen maar ik ging bijna over m'n nek van hoe smerig het was. Zelfs al had ik heel weinig gegeten vier dagen lang, dat kreeg ik echt niet naar binnen.

Na een stukje vlak gingen we weer de bossen in. Er was een stuk bos waar heel veel bomen omgewaaid waren die allemaal over het pad lagen. Zo te zien waren ze de vorige nacht omgewaaid. We waren blij dat we toen niet daar hadden geslapen.

Het was nog vijf kilometer tot Freiburg. Daar zouden we de volgende ochtend weer op de trein stappen. Al Bram's eten was op, en hij had blaren. Ik had nog wel wat eten, maar dat was ook alleen maar muesli. Verder hadden we het al vijf dagen niet meer echt warm gehad, bijna niet geslapen en al helemaal niet goed gegeten. Dus het werd wel weer tijd om terug naar huis te gaan.

Toch liepen we nog even 1,6 kilometer om om nog naar een uitkijkpunt te gaan. Opzich klinkt dat niet zo ver. Daarom waren we er ook aan begonnen. Het bleek dat we niet alleen 1,6 km verderop moesten zijn, maar ook 400 meter hoger. Via hetzelfde steile pad waarover we omhoog klommen kwamen er ook mountainbikers naar beneden. Ze hadden een soort van harnas aan, met scheenbeschermers en een plaat voor je borst. Tot onze grote verbazing had één van de twee fietsers een geheel roze outfit aan. Dus er was nog hoop.

De uitkijktoren op de Roskopf was heel hoog. Zeker twintig meter. Bovenop was het koud. Bij de zonsondergang hadden we een mooi uitzicht.


Uitzicht vanaf de Roskopf








Freiburg







Vanaf de Roskopf naar Freiburg was nog vijf kilometer. Het was de bedoeling om zo dicht mogelijk bij Freiburg in de buurt te gaan slapen. Na nog een paar kilometer zochten we een goed beschutte plaats uit, want het was vrij druk in de bossen daar met wandelaars. Het werd weer een lange nacht waarin ik niet veel geslapen heb.

Eerst liep er een das of een ander beest rond m'n tent. Toen die weg was hoorde we een wild zwijn een stuk verderop heel hard brullen. Een uur later rende er een hert op een paar meter afstand langs mijn tent. Gelukkig was hij er niet overheen gerend. Het was ook weer een koude nacht.


Route dag 5

Dag 6 : Terugreis


Het was alweer de laatste ochtend. 's Nachts was het weer heel koud geweest. Bram had het hert en het zwijn ook gehoord. Z'n schoenen waren deze keer niet bevroren. Om 9 uur vertrokken we weer richting Freiburg. Uiteindelijk was het nog wel vier kilometer lopen tot aan het station. Bram wou eigenlijk nog even naar het Russisch staatsballet waarvan de bus ergens stond, maar daar hadden we geen tijd meer voor. Het viel al lang mee dat er niemand in een ravijn was gesprongen of geduwd...

Je merkte wel dat je een week lang in de frisse lucht had gezeten. Alles in de stad stonk. Ze hadden er wel goede fietsenwinkels daar. Met ook een driepersoons tandem die maar 8700 euro kostte.

De kaartjes voor de trein hadden we redelijk simpel kunnen kopen. We kochten een kaartje voor twee personen tot aan Aken. Dan moesten we nog wel twee keer overstappen. Mijn pinpasje werkte niet in de automaat voor de kaartjes. Een stukje verderop was wel een pinautomaat. Nadat ik 200 euro had gepind bleek dat je ook nog gepast moest betalen, dus kon ik nog een keer pinnen. Ondertussen was het andere geld er al weer uitgekomen omdat het te lang duurde. Dit was nog allemaal niks vergeleken met de problemen die we met andere treinen hebben gehad.

Er was ook nog een winkeltje in het station. Ik had bijna niks gegeten heel de week, maar ook geen honger gehad. Wat ik wel moest hebben perse was natuurlijk een stuk chocolade. Een uur nadat we de kaartjes hadden gekocht vertrok de eerste trein. Je kon bij het kopen van de kaartjes vier euro extra betalen om een zitplaats te reserveren. Omdat we maar een uur in die trein hoefde te zitten hadden we dat niet gedaan. Eenmaal in de trein was het wel druk. We vonden toch een hokje voor zes personen waar drie mensen inzaten en waarvan er ook maar drie plaatsen gereserveerd waren.

Het was al een gedoe om allebei onze rugzakken in het hokje bovenin het rek te zetten. Bram z'n tas paste er ook niet meer bij bovenin dus zette hij hem maar op de grond. We zaten net lekker toen en een vrouwtje het deurtje opendeed en in het Duits allemaal opgewonden begon te praten over dat ze een plaats had gereserveerd en dat ze niet kon zitten. Ik had er wel iets van begrepen. Een ander vrouwtje wat al in de coupé zat legde het nog een keer uit in het Engels. De kwade vrouw had een plaats gereserveerd voor haarzelf, bij het raam. Daarnaast had ze ook een plaats gereserveerd voor haar _hond_. Die hond had ook een plaats bij het raam. Ik moest wel even mijn best doen om m'n lach in te houden. Daarna zei ik dat die plaats waar ze het over had helemaal niet gereserveerd was. Dat klopte niet volgens haar. Maar ze vond het ook niet erg dat ze niet bij het raam kon zitten, alleen dat er mensen zonder te vragen op haar gereserveerde plaats waren gaan zitten. Ik dacht zoek het dan maar uit als je alleen maar moeilijk wilt doen. Ze heeft mij en Bram nog wel een hele tijd aan zitten kijken en tegen het andere vrouwje zitten vertellen hoe zielig haar hondje was nou hij geen plaats bij het raam had.

Na een uur konden we de trein uit. Vanaf Karlsruhe hadden we nog één lange trein naar Keulen. Toen we daar instapten bleek dat je ook voor die trein zitplaatsen moest reserveren. We gingen op plaatsen zitten die nog niet bezet waren en hoopten maar dat er niemand binnenkwam die onze plaatsen toevallig gereserveerd had.

De eerste twee uur was er nog niemand die onze plaatse op kwam eisen. Bram had ik het winkeltje in Freiburg nog een cake gekocht. Hij wou hem gaan snijden, maar dat heb ik maar gedaan. Om met je leger-camouflagebroek een zakmes te gaan trekken leek ons niet zo'n goed idee.

Toen we nog twee uur in de trein moesten zitten kwam er een groep jongens binnen met allemaal roze shirts, konijnenoren op en roze strikjes aan. Op hun shirt stond "jungesellenabschied". Ze hadden blikken bier bij en flesjes sterke drank. Een van hun wilde ons ook en flesje verkopen. Voor een euro kregen we allebei een flesje. En we kregen ook nog een foto met handtekening van degene die binnenkort ging trouwen.


De nu nog vrijgezel


Deze handtekening gaat later nog veel waard worden.

Het was wel gezellig in de trein. Er was ook een vrouwtje dat de aanstaande bruidegom ging kussen. Niet gewoon maar recht op z'n mond. Daarna deed ze dat nog twee keer. Toen ging ze later ook nog mee drinken uit een fles whisky waaruit ze allemaal aan het drinken waren. Op het station van Keulen ging ze er ook uit, samen met haar twee zoontjes.

Vanaf Keulen hoefden we alleen nog maar naar Aken. In een winkeltje haalde ik nog een keer wat chocola en Bram chips. Het was ondertussen al donker en normaal zouden we al twee uur in onze slaapzak liggen. In de trein was verder niet meer veel te doen dan een beetje gaar onderuithangen.

Van Aken konden we niet naar Maastricht maar wel naar Heerlen. Dat was ook wel goed. Op het station waren nog wel lieve hondjes te zien, het was alleen geen kruising. Vanaf Heerlen zaten we eerst nog in de trein bij een vrouwtje wat over haar werk zat te bellen met iemand anders. Een half uur lang heeft ze af zitten spreken met de andere hoe ze gingen vertellen dat ze een andere baan zou krijgen en wie wat zou weten. Wat ze wel zouden vertellen en wie wat al wist. Daarna zei ze over iemand anders "ja, je weet hoe mensen die verhalen verdraaien he".

Bij station Weert moest ik naar de wc. Ik had al de hele middag een beetje last van mijn maag, dat zal wel gekomen zijn door dat ik een week lang alleen maar koekjes en muesli heb gegeten. Dat zijn toch iets te veel vezels, zoals ook Bram kon beamen. Net toen ik op de wc zat stopte de trein al op station Eindhoven, waar we er uit moesten. Ik moest snel weer m'n broek aantrekken en naar de andere kant van de trein rennen om m'n tas te pakken. Gelukkig was dat snel genoeg voordat de trein weer verder reed.

Op het station ben ik nog maar een keer gegaan, gelukkig hoefde je niet per kilo te betalen. Dan konden we daarna eindelijk de laatste bus pakken en naar huis. Alles was de hele dag goed gegaan met de treinen. We hadden overal binnen twintig minuten aansluiting. Deze keer moesten we een half uurtje op de bus wachten. Bram had nog één bekende gezien op het station. We stonken deze keer niet zo erg dat mensen het merkten. Dat kwam alleen maar omdat het te koud was geweest om te zweten.

Eenmaal thuis konden we dan eindelijk echt opwarmen, een keer iets anders eten dan droge koekjes en slapen op een goed bed.

We hadden per dag minder kilometers gelopen dan ik verwacht had. De vorige keer toen we in de ardennen waren gaan hiken hadden we makkelijk 25 kilometer per dag gehaald. Deze keer waren het er nog geen 15 per dag. Dat kwam omdat we weinig tijd hadden om te lopen en omdat het lopen door de sneeuw en bergop niet snel ging.


Route dag 6