Onder het motto "simpel maar toch eenvoudig" is de hier beschreven 2 meter AM ontvanger ontstaan. De ontvanger is, zoals onderstaand blokschema laat zien, van het type "SUPER".

Mede door de verkrijgbaarheid van de MF trafo's is gekozen voor een MF van +/- 10.7 MHz. Het geheel werkt op een spanning van 4 tot 12 Volt met een totale stroomopname van ongeveer 15 mA (opm: eenvoudig te reduceren, door bv. zener weg te laten).
Het antennesignaal wordt versterkt door een dual-gate mosfet (TR1) via het bandfilter L2 en L3 naar TR2. Rond TR5 is een VFO opgebouwd die zorgt voor het L.O.-signaal. Ook dit signaal wordt aan TR2 aangeboden, die dienst doet als mixer.
De MF-versterker bestaat uit TR3 en TR4 waarbij selektiviteit verkregen wordt via L4, L5 en L6. Als detector is een germanium diode AA119 (D1) gekozen.

IC1 (LM386) doet in het ontwerp dienst als LF-versterker, hierbij ondersteund door de meegekoppelde AGC versterker (TR6), welke zorgt voor nog wat extra LF.
Nadat de print is schoongemaakt, kan begonnen worden met het boren. De bovenkant, componentenzijde, doet dienst als massavlak. De gaatjes voor de onderdelen die niet aan massa liggen dienen het eerst geboord te worden. Daarna worden aan de massazijde deze gaatjes vrijgemaakt van massa. Gebruik hiervoor een boortje van bijvoorbeeld 3 mm. Alle losliggende eilandjes komen wel aan de bovenkant aan massa te liggen. Boor deze gaatjes dan ook als laatste. Het bese is het om een boortje van 0,9 mm te gebruiken. Alleen waar nodig de gaatjes opruimen (= iets groter boren, bv. voor trimmers, MF-trafo, instelpotmeter)
Monteer eerst de ontkoppel C's van 22n en de R's van 100K tussen de MF-trafo's. Daarna pas de trafo's L4, L5 en L6. Let er wel op dat de behuizingen van de trafo's op de juiste wijze aan massa liggen. L1, L2, L3 en L7 worden bijgeleverd. ('werden' bijgeleverd, zie nu wikkelgegevens in de stuklijst). Op de invultekening (= componentenopstelling hieronder) is te zien dat de spoeltjes L1 en L7 afwijkend gewikkeld zijn.

Vergeet niet de aftakking met een draadje te verbinden. Verder afmonteren en solderen volgens schema en componentenopstelling. De halfgeleiders TR1, TR2, TR3 en TR4 worden met de tekst naar onder gemonteerd. De koppelcondensator van 5p6 en de condensator van 2n2 tussen G2 en S van TR1 dienen aan de onderzijde gesoldeerd te worden, zoals aangegeven in onderstaande tekening.

Volumeregelaar P2 kan ook als potmeter worden uitgevoerd. (Niet nodig, met de afstemming en de AGC wordt het volume en de ontvangststerkte gelijk op geregeld) De zenerdiode van 5v6 is niet nodig voor de vossejachtversie van de ontvanger (tijdens jacht toch geregeld afstemmen, en NiCd spanning relatief stabiel). Met potmeter P1 wordt de ontvangstfrequentie ingesteld. De uitgangs elco van 150 uF wordt direct aan de luidspreker gesoldeerd (of aan de koptelefoonplug).
Nadat alle onderdelen op een deugdelijke manier zijn gemonteerd en vastgesoldeerd kan de voedingsspanning worden aangesloten. Met behulp van een frequentieteller wordt het VFO tussen 130 MHz en 140 MHz ingesteld (P1).
Een AM gemoduleerd zwak 2-meter signaal wordt aan de antenne ingang aangesloten. Daarna alles op maximaal LF (=volume) afregelen.
Vergeet niet een AAN-UIT schakelaar te monteren. De batterij verslindende LF-versterker kan ervoor zorgen dat een vossejacht voortijdig afgelopen is.
1x 1p5 1x 10p 2x 5p6 1x 10n 5x 22n 10x 2n2 2x 100n 3x Trimmer 10p
1x 10 Ohm 1x 68 Ohm 5x 120 Ohm 1x 220 Ohm 4x 316 Ohm 1x 1k 1x 2k7 1x 4k7 1x 47k 2x 51k 1x 56k 6x 100k
1x 1 uF 1x 3u3 of 4u7 1x 10 uF 2x 22 uF of 68 uF 1x 150 uF
1x AA119 1x Zener 5v6 (optioneel) 1x LM386 1x BF960 1x BF245 4x BF981 of BF964 1x BB105 of 141 of BA102
Spoelen gewikkeld op 5mm diameter: L1 = 5 1/2 winding met een tap op 2e winding L2, L3 = 5 1/2 winding L4, L5, L6 = 10,7 MHz trafo L7 = 4 1/2 winding met een taop op 1e winding P = ferrietkraal